Dialoog schrijven? Mijn persoonlijke valkuil en 3 onmisbare ingrediënten

Door juni 24th, 2020 Boek schrijven
dialogen schrijven

Er bestaat een misverstand over dialogen schrijven. Als beginnende schrijver denk je al snel: ik moet gesprekken tussen personages levensecht beschrijven.

Maar is dat wel zo slim? 

Toen ik mijn manuscript voor mijn thriller Savelsbos verkocht aan uitgeverij Cargo, stelde de hoofdredacteur één voorwaarde: “We willen je boek graag uitgeven, maar je moet eerst werken aan je dialogen, want die zijn niet bepaald realistisch.” 

Dat verraste me. Ik had juist geprobeerd om dialogen in mijn boek precies zo op te schrijven als gesprekken uit het dagelijks leven. Pas toen de dialogen van bekende auteurs goed bestudeerde, begon me me iets dagen. Mijn aanpak had averechts had gewerkt. Hoe dat zit, kan ik je het beste uitleggen met een voorbeeld.

Dialoog schrijven

Stel: je schrijft een dialoog waarin een vrouw haar echtgenoot uitnodigt om naar een borrel te komen. Hij is thuis aan het stofzuigen, zij is al in de kroeg. Wat gebeurt er als je probeert om zo’n dialoog zo realistisch mogelijk op te schrijven. Ongeveer dit: 

Hij stond te stofzuigen, toen zijn telefoon ging. Even staarde hij naar het scherm en zag dat het zijn vrouw was. Opgewekt nam hij op. 
‘Hallo schat.’  
‘Hé, wat ben je aan het doen, want ik dacht misschien heb je zin om te komen borrelen in café de Ruif? We zijn hier met een eh…nou ja, aardig groot groepje van werk, met  z’n – even kijken – zevenen zie ik.  Zou leuk zijn als je ook komt. Ze willen hier mijn man wel eens zien, haha. Nou ja, nee ik vind het gewoon gezellig als je komt.  
‘Oké, goed om te horen, schat. Ik ben nu nog aan het stofzuigen. Maar…, ja…eigenlijk ben ik bijna klaar. Ik kan eigenlijk zo wel komen. Dit is niet bepaald het leukste klusje ook, haha.’
’Leuk. We staan, even kijken, vlakbij de bar. Je kunt ons eigenlijk niet missen.’  Ok, leuk, ehm….nou, dan zie ik je jullie zo!’

Dialogen schrijven: hoe realistisch moet je zijn?

Als je een telefoongesprek woord voor woord zou uitschrijven, zou het best zo kunnen klinken. Maar is het daarmee ook een goede dialoog? Leest het lekker? En kun je je aandacht erbij houden?

Vergelijk bovenstaande passage nu met een passage van Raymond Carver. Hij was een beroemde auteur van korte verhalen en een meester in dialogen schrijven. In één van zijn verhalen tekent hij eenzelfde soort telefoongesprek op. 

De telefoon ging terwijl hij aan het stofzuigen was. Hij had de hele flat gedaan en was in de kamer bezig met het spleetstuk om bij de katteharen tussen de kussens te kunnen. Hij bleef staan, luisterde en zette vervolgens de stofzuiger af. Hij liep naar de telefoon en nam hem op.
‘Met Myers,’ zei hij.
‘Myers,’ zei ze. ‘Hoe is het? Wat ben je aan het doen?’
‘Niets,’ zei hij. ‘Dag, Paula.’
‘We hebben hier vanmiddag op de zaak een borrel,’ zei ze. ‘Je bent ook uitgenodigd. Carl heeft je uitgenodigd.’
‘Ik denk niet dat ik kan,’ zei Myers.
‘Carl zegt net tegen me bel die vent van je eens. Zeg dat hij iets komt drinken. Haal hem uit zijn ivoren toren en zet hem een tijdje in de werkelijke wereld. Met Carl kun je lachen als hij wat op heeft. Myers?’
‘Ja, ik hoor je wel,’ zei Myers.

Waarschijnlijk heb je de tweede dialoog met meer interesse gelezen dan de eerste. De conversatie is prettig leesbaar, spannend en nieuwsgierig makend. Kortom: de tweede dialoog heeft alles wat de eerste niet heeft. Maar hoe komt dat? En hoe leer je nu precies goede dialogen schrijven?  Hieronder bespreek ik de drie belangrijkste ingrediënten die gerenommeerde schrijvers gebruiken om hun dialogen interessant maken. 

Dialoog schrijven tip 1 – Schrap in je dialoog

Als je een gesprek uit het dagelijks leven opschrijft en alle mitsen, maren, twijfels en stopwoordjes zou laten staan, wordt een dialoog onleesbaar. Dan krijg je een eindeloze reeks zinnen als deze. 

We zijn hier met een eh…nou ja, aardig groot groepje van werk, met  z’n – even kijken – zevenen zie ik. Nou ja, nee, ik vind het gewoon gezellig als je komt.  

Een goede dialoog schrijven is een kwestie van tot de kern komen. Laat overbodige spreektaal zo veel mogelijk weg en schrap zinnen en bijzinnen die niets toevoegen aan de dialoog. Die zijn misschien levensecht, maar ze leiden af van de inhoud. 

In de dialoog van Raymond Carver en andere gerenommeerde schrijvers lees je dan ook geen oh’s, ah’s, of eh’s. De personages spreken bijna alleen maar in korte, heldere zinnen. Dat is misschien niet zo levensecht, maar het maakt je dialoog wel goed leesbaar. En daardoor voelt de dialoog gek genoeg realistischer aan voor de lezer.

Gerard Reve zegt daar in zijn boek Zelf schrijver worden het volgende over:

Men beseft onvoldoende dat een werkelijk plaatsgevonden dialoog zo goed als nooit bruikbaar is. Het gebeurt natuurlijk wel eens dat men bij de groenteboer de uitwisseling van enkele zinnetjes hoort, waarbij men denkt: “ik ren zo dadelijk zo hard als ik kan naar huis en schrijf het op voordat ik het kwijt ben, want dit is een van de zeldzame momenten dat spreken goud is. Maar dat blijft een uitzondering. De dialoog in het verhalend proza dient een door stilering tot zijn essentie herleide, fictieve dialoog te zijn, die echter op de lezer overkomt als “oh zo levensecht”, of ‘zó uit het leven gegrepen’. 

Natuurlijk kun je af en toe een stopwoordje toevoegen aan je dialoog, of een weifelend zinnetje. Maar doe dat alleen als dat een functie heeft. Bijvoorbeeld als je wil benadrukken dat je personage graag Frans wil overkomen, en daarom vaak ‘enfin’ zeg. Of als je duidelijk wilt maken dat je hoofdpersoon een enorme twijfelaar is en daarom aan het einde van elke zin ‘denk ik’ zegt. 

Dialoog schrijven tip 1 – Zorg voor conflict in je dialogen 

Een dialoog gaat pas leven als de personages verschillende belangen hebben, en hun woordenwisseling een beetje ‘schuurt’. In de eerste dialoog waarin de man toestemt om naar de kroeg te komen, is daar geen sprake van. Je voelt je nauwelijks betrokken bij de personages, en er is geen spanning. De schrijver had de hele conversatie kunnen afdoen met één zin: zij vroeg of hij naar de kroeg kwam, hij stemde toe.

Hoe anders is dat in de tweede dialoog van Raymond Carver.

‘We hebben hier vanmiddag op de zaak een borrel,’ zei ze. ‘Je bent ook uitgenodigd. Carl heeft je uitgenodigd.’
‘Ik denk niet dat ik kan,’ zei Myers.

Meteen voel je conflict in de dialoog. Myers wil niet naar de borrel komen. Je vraagt je daardoor meteen af: waarom niet? Gaat Martha hem overtuigen? Hoe loopt dit af? 

Conflict is een slimme techniek om informatie over je verhaal in dialogen over te brengen aan je lezer. Als je dat zonder spanning doet, wordt het heel opzichtig. Stel je wilt in een dialoog onthullen dat je personage aan de drugs verslaafd is geweest.  

“Het is dit jaar je jubileum, schat’ 
Mijn jubileum?
Ja, je bent vijf jaar afgekickt van de drugs. Ik ben zo trots op je.
Dank je, het was een zware tijd. 

Dit is opzichtig. Je voelt als lezer dat de dialoog er alleen is om het drugsverleden van je personage te onthullen. Dat kan beter. 

‘Waar was je vanavond?’
‘Waarom wil je altijd precies weten waar ik ben geweest.’ 
‘Nu moet je ophouden, schat. Ik heb je een keer na een nacht zoeken op straat gevonden met een naald in je arm. Mag ik dan bezorgd zijn als je weer een avond zomaar wegblijft? 
“Wordt het weer zo’n dag? Moet je me hier echt steeds aan herinneren?

De informatie zit nu ‘verstopt’ in een spannende confrontatie, waardoor je het als lezer bijna ongemerkt opneemt.

Dialoog schrijven tip 3 – Onthul iets over je personages 

Gebruik een dialoog niet alleen om informatie over je verhaal te onthullen. Zorg ervoor dat de manier waarop je personages reageren ook iets zegt over hun karakter. Schets hun persoonlijkheid, niet alleen door wat ze zeggen, maar ook door hoe ze iets zeggen en wat ze verzwijgen. 

Neem de dialoog van Raymond Carver. Hij onthult veel over de persoonlijkheid van zijn personages en hun onderlinge relaties zonder veel woorden te gebruiken. Je weet als lezer bijvoorbeeld dat Myers aan het stofzuigen is. Maar als Carla hem vraagt wat hij aan het doen is, reageert hij defensief.

‘Myers,’ zei ze. ‘Hoe is het? Wat ben je aan het doen?’
‘Niets,’ zei hij. ‘Dag, Paula.’


Je vraagt je meteen af: waarom zegt hij niet tegen zijn vrouw dat hij aan het stofzuigen is? Is hij altijd zo kortaf en op zichzelf? Kortom: je wordt aan het denken gezet over zijn persoonlijkheid.  

Carla praat ook op een interessante manier. Ze noemt haar man bijvoorbeeld steeds bij zijn achternaam, Myers, terwijl ze de man met wie ze in de kroeg is – Carl – wel bij zijn voornaam noemt. 

‘Carl zegt net tegen me bel die vent van je eens. Zeg dat hij iets komt drinken. Haal hem uit zijn ivoren toren en zet hem een tijdje in de werkelijke wereld. Met Carl kun je lachen als hij wat op heeft. Myers?

Je gaat je afvragen: hoe verhouden deze man en vrouw zich eigenlijk tot elkaar. Is hun relatie echt zo afstandelijk? En dat is precies wat je wil. Het is je taak als schrijver om je lezers nieuwsgierig te maken naar je personages. Zorg ervoor dat ze zich dingen over hen gaan afvragen, net als bij échte mensen. 

De dialogen in mijn boek zijn overigens nog steeds niet te vergelijken met die van Raymond Carver. Zo’n snelle leerling ben ik niet. Maar door de publicatie van mijn boek, kwam wel in contact met andere schrijvers, waarvan ik van alles leerde over dialogen. Ik sprak bijvoorbeeld met Wytske Versteeg, die me ook al adviseerde om dialogen te gebruiken om het karakter van mijn personages te onthullen.

Als je hoofdpersoon zijn moeder ‘mama’ noemt, krijg je een heel ander beeld van hem dan wanneer hij ‘moeder’ zegt.’ Zo kun je met toon en woordkeuze veel vertellen over een personage. Dit werkt veel beter dan wanneer je buiten de dialoog expliciet opschrijft dat je hoofdpersoon een moederskindje is.

Lees al mijn tips over fictie schrijven, of verdiep je in deze artikelen:
– Dit is hoe topschrijvers onvergetelijke personages bedenken
– Dit zijn de 7 eigenschappen van pakkende eerste zinnen
Met deze oefening schreef een legendarische auteur 500 literaire werken

Geen schrijftips missen? Schrijf je dan net als 10.000 schrijf- en taalliefhebbers in voor mijn maandelijkse nieuwsbrief met schrijftips, de Schrijfvis.

Aanmelden

Wil je een boek schrijven? Abonneer je dan op de Boekschrijfvis – mijn speciale nieuwsbrief voor schrijvers van boeken en korte verhalen. 

Aanmelden

Vroegboekkorting op cursus Zakelijk schrijven tot 1 juli

Tot 1 juli krijg je vroegboekkorting op de cursus Zakelijk schrijven met aantrekkingskracht – je betaalt 69 euro in plaats van 125 euro. In de cursus leer je de basistechnieken voor het schrijven van aantrekkelijke zakelijke teksten, zoals rapporten, webteksten en e-mails.

Online cursus: Topartikel

Wil je meer lezers trekken met je teksten? Volg dan mijn online cursus Topartikel – voor bloggers, tekstschrijvers en iedereen die lezers voor zich wil winnen met goed geschreven artikelen. In de video hieronder leg ik uit wat je leert in de cursus.

Klik op de oranje button hieronder voor meer informatie. Als je je inschrijft, krijg je meteen toegang tot de cursus Topartikel. En vanwege de corona-crisis geef ik je gratis persoonlijke feedback op het eerste artikel dat je met de cursus schrijft.

Online cursus Topartikel - bekijk, betaal en begin

Houd je van creatief schrijven? Volg dan mijn live-workshop Korte verhalen schrijven – ontgrendel je verbeelding.

Dennis Rijnvis

Over Dennis Rijnvis

Dennis Rijnvis, journalist voor onder meer De Volkskrant, Quest, Nu.nl en Psychologie Magazine. Maar ook schrijver van de thriller Savelsbos, uitgegeven door Cargo/De Bezige Bij. Op dit blog deel ik mijn inzichten en ervaringen op het gebied van schrijven.

Reageer

Verhelder je teksten

Ontvang maandelijks de beste schrijftips (gratis)